Ode aan Marijke

En daar kwam ze, donderdagavond haalde ik haar op van het station. Ze zou eigenlijk vrijdag komen, maar één telefoontje over slijmverlies bij Souris deed haar beslissen een dag eerder te komen. ‘Beter voor de hond wanneer ik niet kom wanneer de bevalling al begonnen is.’

Ik was precies op tijd om te zien dat ze vanuit de stationshal naar buiten kwam. Een klein vrouwtje, petje op, met zoekende ogen. Onze ogen vonden elkaar en we lachten beiden. Ik was heel blij haar te zien.

Souris kent haar natuurlijk, ze heeft al eens een weekend bij haar gelogeerd toen wij in Afrika waren. Een wat moeizame relatie lijkt het vanuit Souris te zijn. Alles is nu anders. Louve is natuurlijk helemaal gek, haar mensenmoeder is gearriveerd en ook Souris is oprecht blij. Biche staat van een afstandje te kijken.

Ze neemt haar intrek bij ons thuis: onze slaapkamer is voorlopig de hare. Jacob is blij haar te zien. Gezellig dat je er bent. Ope ligt al in bed, die zal haar morgen treffen. We praten samen wat, drinken thee en koffie. En Louve kan maar niet geloven dat ze er is. Dat blijft de rest van de dagen zo, iedere keer jankt ze van blijdschap wanneer ze weer in de kamer komt. En Biche jankt mee.

In de dagen die volgen ontstaat er een warme bubbel, eentje waarin er wordt geluisterd, gelachen, gepraat. Eentje waar ontroering is, waar Souris zich openstelt voor haar. Alsof ze weet waarom ze er is. En de ontroering die ik bij haar zie, die ontroert mij weer. Ik wist het natuurlijk wel, de grenzeloze liefde die Louve voor haar heeft is er niet voor niets.

En als het dan echt begint, dan vindt Souris haar nabijheid lastiger. En zij trekt zich terug naar de achtergrond, kijkt op afstand mee, denkt mee en spiegelt ons. Zonder probleem neemt ze weer wat afstand van Souris. Het gaat om Souris, Souris staat centraal en zij schikt zich hierin.

Ondertussen houdt ze contact met haar thuisfront, daar is ook een nest met pups waar ze nu zomaar een paar dagen bij weg is. En waar Gerard alleen voor zorgt. Tien in totaal, in zijn eentje, petje af.

En dan begint het maandagavond echt. Terwijl wij druk met Souris zijn, ontfermt zij zich over Ope en Jacob. Laat mij jouw kamer maar eens zien en weg zijn ze. Wat fijn voor ons, we hoeven nergens bij na te denken.

En dan zijn de pups er toch ineens. Ze schrijft alles in ons boekje: wanneer ze geboren worden, hoe zwaar ze zijn, of er een meisje of jongen is. Ze blijft op tot alle pups er zijn en er toch echt niets meer lijkt te komen.

Dinsdag moet ze naar huis, er zijn afspraken op woensdag waar ze niet onderuit kan. Ze heeft er al veel voor ons afgezegd, dus of ze echt weg was gegaan wanneer de pups er nog niet waren, ik weet het niet. Ope zegt haar niet te willen missen, en ik zeg het niet, maar denk het stiekem ook.

Lieve Marijke, jouw plek in ons hart is heel groot geworden. Dankjewel voor je steun, je advies, je gezelligheid, je liefde voor ons en voor onze honden. Je hebt ons diep geraakt.

een band voor altijd
Advertenties

3 gedachten over “Ode aan Marijke

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s